Ik mis alleen de Hema

Nooit had Maurits het idee om te emigreren. Het overkomt hem. Als student vliegt hij voor de KLM, maakt er razendsnel carrière en wordt uitgezonden naar Parijs. Daarna volgt Londen. En op een dag vraagt hij zich af wie toch die man in dat pak is die hij elke ochtend in de spiegel ziet. Hij besluit dat het tijd is om dat te doen wat hij altijd al had willen doen. Hij pakte zijn oude vak op en wordt psycholoog en life coach in Londen.

‘Ik heb er nooit aan gedacht om te emigreren. Ik vond het zelfs een eng idee. Dus toen ik acht jaar geleden voor de KLM in Frankrijk ging werken, hield ik mijn parkeervergunning in Amsterdam gewoon aan, omdat ik zeker wist dat ik na twee jaar terug zou komen. Maar ik zat nog geen week in het buitenland of ik wist al dat er geen weg meer terug was. Ik ben iemand die van avontuur houdt en ik kies altijd de paden die de hoek om gaan, niet rechtdoor. Die spanning, dat vond ik daar. De Parijzenaars hebben me in hun hart gesloten. De Franse opvatting van vriendschap is onvoorwaardelijk en voor altijd. Parijs was echt mijn grote liefde. Na een paar jaar was het tijd om terug te gaan naar het hoofdkantoor in Amsterdam, maar dat voelde alsof ik weer terug zou zijn bij af. Ik kreeg toen een baan in Londen. Het was tijdens de tweede termijn van Blair en er gebeurde van alles daar. Het was de place to be. Ik ging er met dezelfde verve wonen als ik in Parijs had gedaan, maar ik was er toch een vreemdeling.

ComputerComputer

Dat eerste jaar was Londen absoluut niet mijn stad. Ik kon niet door de lelijkheid heen kijken. Maar de echte schoonheid van Londen, weet ik nu, dat zijn de mensen, niet de architectuur of het landschap. En de cultuur is er natuurlijk geweldig. Het is een cultureel middelpunt. De musea, de theaters, de muziek, als je daar gebruik van maakt, dan raak je verslaafd aan deze stad.

Na drie jaar Londen moest ik beslissen of ik wilde blijven. En vooral, welk carrièrepad ik wilde volgen. Ik had een inspirerende baan, maar ik voelde me ook opgesloten. Elke dag stond ik in pak en das voor de spiegel en dacht ik: “Wie is die meneer?” Mijn carrièreladder was stijl en ik heb ‘m heel snel beklommen, maar ik wist ook dat ie tegen de verkeerde muur stond. Het idee om op mijn vijfenzestigste op een podium een gouden horloge in ontvangst te nemen vond ik verstikkend.

Mijn echte passie was de psychologie. Vanaf mijn eerste tentamen tot aan de dag dat ik mijn doctoraal haalde, had het mijn interesse. Dus dat was wat ik moest doen. Mijn hart volgen. Ik ben een Montessori-kind en Maria Montessori heeft precies begrepen hoe ik in elkaar zit. Je eigen keuzes maken, dat doen wat voor jou werkt. Natuurlijk heb ik makkelijk praten, want ik heb goede eigenschappen en talenten meegekregen. Ik heb nooit van de honger hoeven omkomen en ik heb geen bochel. Ik heb heel weinig zorgen en verantwoordelijkheden. Ja, ik besef heel goed dat ik veel geluk heb gehad in het leven.

Ik was per toeval in het bedrijfsleven gekomen. Als student had ik een bijbaantje als steward bij de KLM, waar ik op een gegeven moment een management traineeship aangeboden kreeg. Ik bleek heel goed te zijn in wat ik deed. Ik werd senior manager, maar de echte drijfveer ontbrak. Het kon me niet genoeg schelen. Maar de psychologie, die zat er wel altijd diep in. Ik ben een echte psycholoog, omdat ik van mensen hou. Daarom besloot ik mijn oude vak hier in Londen te gaan uitoefenen, als life coach, zoals dat hier heet. Ik help nu mensen die in hun relatie of carrière begeleiding nodig hebben. Mensen die na een ziekte opnieuw structuur zoeken in hun leven bijvoorbeeld, mensen die hulp nodig hebben bij het maken van keuzes. Ik laat ze niet kijken naar wat er mis is in hun leven, maar naar wat er goed aan is. Het helpt natuurlijk dat ik uit eigen ervaring weet wat het is om je leven een andere wending te geven.

Ik kom in mijn praktijk nu ook mensen tegen die willen emigreren. Dan vraag ik ze altijd waarom ze dat willen. Emigreren is niet de oplossing voor ongelukkigheid. Van mezelf weet ik dat ik overal gelukkig ben geweest en ik weet zeker dat ik ook overal gelukkig kan zijn. Veel mensen zijn echter slecht in staat om te waarderen wie ze zijn en wat ze hebben. Er zitten ook veel dromers tussen. Mensen die denken dat de oplossing in de toekomst ligt. Maar die ligt er alleen als je het heden er naar vormt. Ik denk dat dromen heel veilig is. Het is vaak angst die mensen tegenhoudt. Angst voor het onbekende, angst voor verandering en faalangst. Door te dromen ontdoe je je van die angsten. Misschien dat daarom veel mensen als ze op reis zijn het idee krijgen om te verhuizen. Freud heeft heel mooi verwoord wat er verandert als mensen met vakantie zijn. Het geeft een enorm verlies aan inhibitie. Het gevoel van verplichting ontbreekt opeens en dat geeft een geweldig gevoel van vrijheid. Maar om te emigreren moet je verder denken dan dat mooie huis onder de zon, tussen de olijfbomen. Je moet je afvragen wat je daar krijgt. Wat vind je bijvoorbeeld belangrijk om te doen? Wat zijn de voorwaarden die je stelt in het leven? Hoe ziet je sociale leven eruit? Mensen verhuizen gek genoeg zonder daar over na te denken. Ik probeer ze daarbij te helpen. En dat is leuk werk.

Om hier als psycholoog te kunnen werken, moest ik mijn diploma laten erkennen, wat wel een jaar heeft geduurd. Maar toen ik eenmaal voor mezelf kon beginnen, gaf dat een enorm gevoel van bevrijding. Ik was geen slaaf meer van mijn inkomen. Ik moest wel allemaal dingen leren waar ik vroeger een secretaresse voor had: typen, agenda’s beheren, afspraken maken. Ik was echt een verwende aap. Nu doe ik het allemaal zelf en ik maak het me zo druk als ik het zelf wil hebben. Ik heb daarmee een enorme dynamiek aan mijn leven gegeven. Dan ga ik ’s ochtends eerst naar buiten. Wandelen, een kopje koffie drinken, een praatje maken met die en die. Mijn tijd indelen zoals ik dat wil. 

Ik heb er hard aan moeten werken om hier te aarden. Natuurlijk is dat niet makkelijk, maar een van de geheimen van ergens gelukkig zijn is dat je een sense of belonging creëert. Het gevoel dat je ergens bij hoort. Je moet een ondernemer zijn. Een ondernemer van je eigen sociale leven. Je moet naar de radio luisteren, de kranten lezen. Zo word je deel van een gemeenschap. Je moet sociale vaardigheden hebben en nieuwsgierig zijn. Het is belangrijk om een geschiedenis met een buurt op te bouwen. Als je dat snel wilt doen, moet je dat via mensen doen. En soms ontmoet je mensen waarvan je denkt, mwah, en dat worden dan je beste vrienden.

Je moet het land ook echt willen leren kennen. Zo heb je hier in Engeland een instituut dat een integraal deel is van dit land. Dat is Coronation Street. Een soap die al vijfenveertig jaar op televisie is. Daar spelen acteurs in die al bijna een halve eeuw met elkaar zijn getrouwd. Als je Engeland wilt begrijpen, dan moet je weten wie Ken Barlow is uit de serie. Dat zijn moeder is overreden door een bus, dat hij getrouwd is geweest met een vrouw die geëlektrocuteerd werd door haar föhn, hertrouwde met een vrouw die zelfmoord pleegde toen hij haar na de scheiding niet meer terug wilde en nu gelukkig is met zijn Deirdre. Daaraan refereren is leuk. Het heeft iets klasseloos.

Aan de andere kant heb je de koninklijke familie, de adel met zijn jacht en paarden. Het is grappig dat de Engelse upperclass hier echt van het platteland komt. Wil je Engeland leren kennen, dan moet je ook dat ontdekken. Zelf kom ik uit een stadsfamilie. Ik heb een totaal gebrek aan affiniteit met het plattelandsleven. Hoe mooi de natuur ook kan zijn, het blijft horror voor mij. Ik ben een echte stadszigeuner. Ik zwerf van buurt naar buurt, van markt naar markt, dat is wat ik zoek in de stad. In Londen hoor je, net als in New York, altijd sirenes. Dat vind ik gezellig. Er gebeurt hier altijd iets en ik wil deel zijn van dat gebeuren.

Toen ik anderhalf jaar geleden op de zuidoever kwam wonen, kwam ik op een internetforum van de South Bank terecht. Mensen lieten daar allerlei berichten achter. Zoals “Wie kent een goede loodgieter?” of “Wie weet iets over de geschiedenis van die straat?” Na een tijdje ontdekte ik dat die mensen van het forum af en toe bij elkaar kwamen in de pub. Zo ontstond een echte gemeenschap. Daar ben ik direct in opgenomen. Mensen met verschillende achtergronden en beroepen. We communiceren op internet, inhoudelijk, maar ook allerlei chat-onzin. Maar je komt elkaar ook op straat tegen of bij de bakker. Dat is echt uniek voor de binnenstad, waar het leven ook heel onpersoonlijk kan zijn.

Ik ben hier alleen gekomen. Sinds een jaar woon ik samen met mijn vriend. Hij komt uit Zuid-Afrika en is trauma-arts op de Eerste Hulp van een academisch ziekenhuis in de East End van Londen. Hij werkt hard. Na de bomaanslagen in de metro moest hij direct van verlof terug komen. Dan maak je heel veel mee. Hij woont bijna in het ziekenhuis, maar we hebben een goed leven samen. We voelen allebei dat dit onze plek is. Dat hij gekleurd is, is in Londen geen probleem. De wellevendheid wint het hier van het racisme. Die beleefdheid maakt het leven heel aangenaam. In het begin haatte ik nog dat obsessieve in de rij staan. Als brutale Mokumer was ik gewend mijn weg wel te vinden. Maar je assimileert. In Amsterdam leer je gotspe te hebben. Hier moet je een heer zijn.

Wat wel grappig is, is dat je pas als je in het buitenland woont merkt dat je zo Nederlands bent. Het idee van solidariteit bestaat hier bijvoorbeeld niet. Zelf ben ik sociaal democraat. Dat is een manier van denken die hier onbekend is. Wat me ook direct opviel, is dat iedereen hier op krediet leeft. De Hollandse matigheid ben ik hier pas op prijs gaan stellen. Jammer vind ik ook dat het geen fietsstad is. En het brood is verschrikkelijk. Daar staat wel tegenover dat je op elke straathoek een restaurant hebt. Je kunt in Londen heel lekker eten.

Mis je Nederland niet, vragen mijn vrienden in Holland soms. “Nee,” zeg ik, en dan voel ik me wel een beetje schuldig. Dat blijft moeilijk. Want hoe lief iedereen daar ook is, er klinkt toch altijd een zeker verwijt van: “Zijn wij niet goed genoeg?” Die Amsterdamse keien, dat zijn mijn wortels, maar terug hoef ik niet. Ik ben niet nostalgisch. Ik kan heel goed zonder die stad leven, al blijft het natuurlijk een van de mooiste steden ter wereld. Maar het Nederland van Maxima, Fortuyn, Mohammed B. en Balkende, dat is niet het Nederland dat ik achterliet. Ik heb die mensen nooit horen spreken. Het leeft niet voor mij. Er zijn de laatste jaren echt dingen veranderd in Nederland. Dat maakt me wel eens weemoedig. Dat je uit elkaar aan het groeien bent, al is het mijn eigen keuze geweest.

Toen Nederland en Frankrijk laatst nee stemden tegen de Europese grondwet, dat heeft me echt geraakt. De twee landen waar ik zo van hou. De ontevredenheid en bozigheid die daar uit spreken, die ken ik niet. Zelf ben ik een Europeaan par excellence.

Mijn leven is in Londen. Het speelt zich hier af. Al is natuurlijk niks voor altijd. Als je echt wilt weten waarom ik hier woon, dan moet je hier om de hoek kijken, bij wat ze the River noemen, de Thames. Die is echt fascinerend. Een rivier met eb en vloed. Bij eb is ze dorstig en laag, met vloed is ze wild en vol stroming. Elke dag loop ik even over de Tower Bridge. Het uitzicht dat je dan hebt is het mooiste ter wereld. Dat is wat mij in Londen zal houden. Nee, ik mis niks. Ik mis alleen de Hema. Die geur van de rookworsten…’

Dit interview verscheen eerder in: Ik mis alleen de Hema.

Bestel het boek hier.

ComputerComputer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s