Deze vrouw gaf haar baan bij RTL4 op om kunstenaar te worden.

‘Het nieuwe beroep dat je kiest is heel vaak iets dat zich al eerder in je leven heeft aangediend, maar waar je nog niet klaar voor was.’

Batya-

Batya (..) leidt een hectisch leven in de televisiewereld. Op een dag denkt ze: is dit het nou? Is dit televisiedorp mijn laatste station? Vanaf dat moment krijgt haar leven een andere wending. Nu is ze kunstenaar en leert andere mensen wat het is om los te laten en keuzes te maken in het leven.

‘Ik heb altijd geroepen dat ik nooit ergens spijt van heb gehad en dat ik dat ook nooit zou willen hebben. Ik doe dingen met hart en ziel. Als je dan ineens het gevoel hebt dat je op een verkeerd spoor zit, is dat reden tot nadenken. Hoe kan het werk dat zo leuk is en waar iedereen jaloers op is het ineens niet meer zijn? En de volgende vraag is: wat is het dan wél? Om daar achter te komen is ervoor gaan zitten en nadenken gek genoeg niet de beste manier. Een grote carrièrewissel is bijna nooit iets wat je eerder had kunnen bedenken. We leven heel erg in de ratio. Om aan iets nieuws te beginnen moet je je gedachten helemaal loslaten. Je zoekt als het ware in een gebied van je onbewuste. Iets waarvan je niet weet dat je het kunt, domweg omdat je het nog nooit gedaan hebt.

Het nieuwe beroep dat je kiest is heel vaak iets dat zich al eerder in je leven heeft aangediend, maar waar je nog niet klaar voor was. Sommige beroepen kun je wel jong doen, maar je ziel zit er dan nog niet in. Je moet levenservaring hebben voor bepaalde dingen. Het schilderen, wat ik nu doe, en de workshops die ik geef had ik nooit zo kunnen overbrengen zonder mijn levenservaring.

RTL4

Ik heb theaterwetenschappen gestudeerd in Utrecht. Via een uitzendbureau kreeg ik een baantje bij de televisie. Ik mocht de autocue doen bij RTL4, Carlo Boshard, Frits Bom, de vakantieman. Voor dat soort programma’s tikte ik de teksten in en liet ze lopen zodat de presentatoren de tekst konden oplezen. Dat was het toevallige begin van mijn televisiecarrière. Daarnaast deed ik productiewerk voor Tijdsein, maakte ik interviews voor het spirituele maandblad Paravisie en schreef ik toneelrecensies voor de Gooi en Eemlander. In de zomermaanden verdiende ik zo weinig, dat ik een aanvullende uitkering heb aangevraagd. Die ambtenaar wilde mijn schooldiploma’s zien, maar die waren onvindbaar want mijn ouders lagen in scheiding en al mijn spullen waren weg. Hij wilde mij een hele uitkering geven en niet een aanvulling van tweehonderd gulden. Hij geloofde toch al niet dat ik kon leven waarvan ik leefde. Toen zei ik: weet je wat, hou die tweehonderd gulden maar. Ik dacht wat ze in Amerika kunnen, dat kan ik hier ook. In Amerika hebben ze ook geen uitkering. Dan maar keihard werken en het zelf voor elkaar boksen. Dat ging heel goed. Ik ging naar de Kamer van Koophandel en heb een eenmanszaak opgericht.

Koffietijd

Op een dag waren bij RTL Club alle redactiemensen ziek. Maar iemand moest toch spelletjes voor dat programma bedenken en teksten schrijven. Omdat ik ook voor de Gooi en Eemlander schreef, zei ik dat ik dat wel kon doen. Schrijven dat kon ik goed en zo werd ik redacteur. Niet veel later hoorde ik dat John van de Rest een Nederlandse televisieploeg aan het samenstellen was in Duitsland. Ze zochten nog een regie-assistente. Vanaf dat moment zat ik twee dagen in de week in Duitsland en werkte ik als regie-assistente. En van het een kwam het ander. Ik werd overal voor gevraagd. Muziekprogramma’s, talkshows, Koffietijd, de ASO show, RTL Nieuws, Spijkers, Peter R. de Vries,Vrienden voor het leven, De Rijdende rechter en Vrouwenvleugel. Ik zat toen veel in de dramahoek, wat natuurlijk met mijn opleiding in de theaterwetenschappen heel erg leuk was. 

Als regie-assistente werk je samen met de regisseur. Bij drama, zoals een comedyserie, ben je de halve week op de set, let je op de teksten van de acteurs, schrijf je op wat de mis-en-scène is, wat de eventuele veranderingen zijn, geef je tekst als de acteurs het kwijt zijn en maak je aan het eind van de week het draaiboek waarvoor de regisseur de shots heeft aangegeven. Tijdens de opnames cue je de camera’s, let je op licht, geluid, schrijf je op welke scènes goed waren en welke niet en na afloop ga je samen met de regisseur de montagekamer in. 

Als regie-assistente  moet je niet alleen alles steeds een stap voor zijn en op de hoogte zijn van ieders gangen, je bent ook bepalend voor de sfeer. Als er een hele gestresste regisseur zit, dan moet je het wat vrolijker maken en als er een hele onzekere regisseur is, moet je wat zekerder zijn.

Even geduld aub

Het spannendst van televisie maken is toch nog altijd een live programma. Je checkt alles, iedereen staat startklaar en op een gegeven moment ga je op zender, zoals dat heet en dan heb je contact met Hilversum of Luxemburg, want RTL ging via Luxemburg. Dan bel je met Luxemburg en dan zeg je: “attentie, nog tien seconden”. Maar voor je op zender gaat, moet je altijd checken op de monitor of het ook echt op de televisie is thuis. Ik heb wel eens meegemaakt dat het beeld helemaal zwart was. We waren al vijf minuten bezig en iedereen stond stijf van de adrenaline, want alles was gerepeteerd en het grote moment is natuurlijk wanneer je de lucht in gaat. Toen ik zag dat het mis ging, was er grote paniek. Later bleek dat iemand in Duitsland in een glasvezelkabel had staan scheppen waardoor Nederland geen televisie kon ontvangen. Toen zijn we na “even geduld aub” via de schotel gegaan. 

Als regie-assistente moet je stalen zenuwen hebben. Vooral bij het nieuws. Op het laatste moment komen er bandjes binnen met titels, laatste woord en laatste beeld. Soms zelfs tijdens de uitzending. Dat is altijd spannend.

Regie-assistente

Bij drama is het een ander verhaal. Dan moet je de continuïteit in de gaten houden. Zat het tasje links of rechts? Ik merk dat ik nog steeds als ik naar een film kijk detailfouten zie. Echt verschrikkelijk. Zit je de meest fantastische film te kijken, word je afgeleid omdat iemand opeens andere kleren aan heeft of z’n sigaret ineens op onverklaarbare wijze is gegroeid. Stomme regie-assistente denk ik dan.

Dat hectische van het beroep heb ik altijd leuk gevonden. Dat je alles in de smiezen moet hebben. Mijn streven was om mezelf onmisbaar te maken. Dat je mij kon oppakken en me op elk soort programma kon zetten: drama, nieuws, muziek, talkshows en live. Als het echt live is, heb je vaak maar een paar seconden om een beslissing te nemen of iets te veranderen. Als er een gek het beeld in komt rennen, kun je alleen maar de camera’s wegdraaien. Dat heb ik ook wel eens gehad. Met Tineke de Nooy was dat. Lijn 5, dat was mijn eerste live-uitzending. Toen werd Tineke heel boos. Er zaten bellers in het programma. Dat moet je als regie-assistente ook in de gaten houden. De redactie belt van tevoren zo’n beller op om te kijken of het geen lunatics zijn. Dat hadden ze gedaan en het was een prima jongen, maar toen hij in de uitzending was – hij wist dat het live was – ging hij haar ineens heel erg uitschelden en daar reageerde ze best wel goed op. Maar twee tellen later stond ze opeens op en zei: “dit pik ik niet”. Toen is de cameraman erachter aan gegaan en de presentator, Ton van Rooyen, ook. Die vroegen of ze alsjeblieft terug wilde komen. Het was een hele grote heisa. Omdat het mijn eerste live-show was, had ik ook gevraagd of mensen het wilden opnemen want ik wilde het terug zien om van te leren. Toen had ik opeens heel bijzonder materiaal in handen. Het is ook het leukste wat je kan overkomen, want dit gebeurt alleen maar live. Tineke is niet terug gekomen. Dan komt er “even geduld aub” in beeld. Ik had nog maar net geleerd om die titels in de titelgenerator te zetten en dat kon ik nog niet zo snel. Maar ik bleef wel rustig.

Tien jaar lang heb ik dat werk met plezier gedaan, maar opeens was het niet meer leuk. Als je werk leuk is en je werk is je hobby, dan neem je heel veel aan en is het alleen maar fijn dat mensen je graag willen hebben. Je bent zo goed als je laatste klus, dus als mensen je bellen omdat ze jou willen, dan ben je heel erg blij. Dus zei ik op alles ja. ’s Ochtends deed ik regie-assistentie Koffietijd, ’s middags zat ik in de redactie van Jos op één en in het weekend zat ik thuis te schrijven of deed ik een toneelrecensie. Ik werd door een uitgever gevraagd om een boek te schrijven en bij mijn laatste comedyserie deed ik opnameleiding, figurantenbegeleiding én regie-assistentie tegelijkertijd. Daar is het mis gegaan denk ik. Ik was bijna overwerkt. Ik had ooit een hele mooie balans van schrijven en in teamverband werken, maar die balans was een beetje zoek. Ik wilde blijven schrijven, maar werd ook steeds meer overgenomen door al die ad hoc dingen. Ik verdiende natuurlijk lekker want ik kreeg steeds meer betaald omdat ik beter werd en ik wilde ook nooit nee zeggen. Bij sommige programma’s bekleedde ik meerder functies tegelijkertijd, want ik kon ook alles: regie, redactie, filmen, research, productie. Als er paniek was, had ik altijd het idee dat ik alles moest oplossen. Ik heb wel geleerd dat je niet alles tegelijk kunt doen, maar dat is televisie. Ze kiezen altijd de makkelijke weg en als jij overal voor te porren bent, dan ben je overal voor te porren.

Het was zo druk, dat ik besloot dat ik dat niet meer wilde. Maar ik wist ook niet wat ik dan wel wilde. Ik had nergens tijd voor, sporten niet, niks. Toen ging alles in mijn leven bergafwaarts. Misschien doe je dat wel onbewust. Mijn relatie was ook niet leuk meer. Mijn toenmalige vriend en ik hebben ons huis verkocht om ieder een eigen kant op te gaan, ik was gestopt met roken en ja, ik was gewoon niet gelukkig. Ik wilde een ander leven maar wist niet waar ik moest beginnen. Het was zo’n gekke tijd. Met het boek dat ik had geschreven was ik opeens te gast bij programma’s waar ik zelf ook bij werkte, zat ik ook nog eens aan die kant van de camera. Als je werk je hobby is, is alles leuk, maar je bent ook mens en je kunt jezelf nu eenmaal niet opdelen in duizend stukjes. Ik voelde mezelf zo leeg worden terwijl mijn leven zo vol was. Dat was een hele rare gewaarwording. Het liefst wilde ik met alles stoppen en naar Amsterdam verhuizen.

Midden in die drukke tijd ging ik een week naar Portugal en daar kwam ik een meisje uit Den Haag tegen. Ik had nog maar twee weken voor ik mijn huis uit moest en zij wist een woning voor me. Een benedenwoning in Den Haag. Ik dacht: wat kan mij het schelen. Ik had niks met Den Haag behalve dat ik daar als kind vaak met bij mijn opa en oma logeerde. Maar zij waren al jaren geleden overleden dus ik kwam er nooit meer. Ik ging kijken en vond het wel een leuk huis. Het was een huurhuis, dus ik kon altijd weer weg, dacht ik. Ik ben verhuisd, hield op met werken, leefde van de opbrengst van m’n verkochte huis en opeens ging het licht uit. Ik wist het niet meer. Ik wilde een ander vak maar ik wist niet hoe ik daar aan moest komen. Normale mensen kunnen twee dingen aan, scheiden en verhuizen, of  je werk opzeggen en stoppen met roken, of andere combinaties, maar ik deed het allemaal tegelijk.

Ik kwam in een stad te wonen waar ik niemand kende, waar ik geen studie kwam volgen, waar ik geen werk had. Ik was gestopt met roken waardoor al mijn emoties boven kwamen drijven. Ik had geen partner meer dus ik vond ook geen troost, ook niet van mensen om de hoek want ik kende niemand in Den Haag. Ik was zo op mezelf terug geworpen, het was echt cold turkey. Ik werd gebeld voor de meest fantastische klussen, maar ik kon niet meer. Ik werd gebeld voor regie, voor een opdracht in Canada, voor dramaseries, alles. En als ik zei dat ik gestopt was, dan bleven ze aandringen, of ik er alsjeblieft nog even over wilde nadenken omdat ze wisten dat ik zo goed was. Dan moest ik elke keer weer tegen mezelf zeggen: nee, niet doen. En ik voelde me schuldig, want ik had in mijn leven nog nooit niks gedaan.

Een van de redenen waarom ik stopte bij de televisie was: je kent honderd miljoen mensen en toch ken je niemand. Waar je ook komt, je hebt altijd een ploeg van vijfentwintig man en je kent ze allemaal bij naam en het is altijd gezellig en leuk, en het is ook echt leuk, maar daarna is het altijd over, want je kunt nooit zo veel mensen blijven kennen of vriendschappen onderhouden. Ik heb maar twee vrienden overgehouden aan die tien jaar, wat natuurlijk ook raar is en genoeg zegt.

Ik moest wel stoppen en vanaf dat moment heb ik heel hard liggen huilen in mijn eentje. Ik dacht dat het nooit meer over zou gaan. Ik heb hier echt een half jaar huilend op de grond gelegen en mezelf de deur uit moeten schoppen om naar het strand te gaan. Om lucht te happen.

Opeens, een paar maanden later werd ik wakker en ik dacht: hé, het gaat weer. De zon ging schijnen, ook letterlijk. En omdat ik vond dat ik toch iets moest doen in die gekke nieuwe stad waar ik nu woonde, heb ik me ingeschreven voor een cursus musical zingen. Zo leerde ik wat mensen kennen. Ik ben ook een cursus tekenen gaan doen en tot mijn verbazing bleek ik te kunnen tekenen en schilderen. In eerste instantie dacht ik dat ik heel erg fout bezig was, want iedereen was druk in de weer heel secuur wijnflessen na te tekenen op papier en ik kwam steeds papier tekort. Ik dacht: O nee, foute boel, dit kan ik niet. Maar het omgekeerde bleek het geval. Ik kon het niet alleen goed, ik vond het ook nog leuk. Ik kon nog een tijdje leven van het geld van mijn huis dat ik met winst had kunnen verkopen en ik ben naar de Vrije Academie gegaan. 

Maar omdat ik theaterwetenschappen had gestudeerd, dacht ik dat ik mijn nieuwe beroep in die hoek moest zoeken. Ik werd aangenomen bij een acteeropleiding maar drie avonden in de week naar de toneelschool en overdag schilderlessen volgen, dat werd te veel. En omdat ik dat schilderen zo leuk vond, ben ik me daar op gaan richten. Dat gaf een heel fijn en vrij gevoel. 

Ongeluk

Toen gebeurde er iets raars. Ik was op de fiets op weg naar de academie en er kwam een auto aan. Het leek alsof die auto me omver ging rijden. Het was net of ik in een soort vacuüm terecht kwam, alsof alles ineens in slow motion ging. Ik gooide mijn stuur om en de auto schoot voorbij. In een flits had ik een hele woeste vrouw achter het stuur gezien. Er kwamen allemaal mensen naar me toe die zeiden dat ze dachten dat ik er geweest was. Ik had het overleefd en trillend fietste ik naar de academie. Daar heb ik een schilderij gemaakt dat compleet anders was dan alles wat ik daarvoor maakte. Ik schilderde zonder erbij na te denken want met mijn hoofd was ik nog steeds bij die gebeurtenis. Ik schilderde vanuit m’n buik. Dat werd een heel mooi schilderij. Ik dacht dat het eenmalig was, maar het bleek een soort doorbraak te zijn. Vanaf dat moment viel alles in mijn leven op z’n plaats. 

Er zat iets in mij dat ik niet wist. Ik ben nog meer schilderijen gaan maken en vanuit het niets kreeg ik opeens aanbiedingen. Ik ontmoette iemand met een esoterisch centrum die wilde dat ik daar kwam exposeren. Of ik kwam iemand tegen in Paradiso die mij kende van onze eerste tekenles. Ik vertelde dat ik professioneel schilder was geworden. Ze zei dat dat haar niks verbaasde en vroeg of ik een schilderij voor haar moeder wilde maken. Toen ik een biertje ging halen vertelde  ik tegen iemand aan de bar: “zo leuk, ik heb net een schilderij verkocht”. “O”, zei hij, “ik wil ook een schilderij bij je bestellen”. Hij gaf zijn kaartje, de directeur van een of ander financieel bedrijf. Een vriend wilde die avond ook een schilderij kopen. Zo had ik op één avond drie schilderijen verkocht zonder dat ik foto’s bij me had. Alles leek in een soort stroomversnelling te komen. Ik exposeerde in het World Trade Centre op Schiphol, mocht de hele zwarte marmeren gang die de vier torens met elkaar verbindt volhangen, dus begon ik groter te schilderen. Ik werd gevraagd om te exposeren in de Stopera in Amsterdam, een galerie in Den Haag. Ik leef nu van mijn schilderwerk, waarvan heel veel kunstenaars zeggen dat kan niet. Maar mijn geld was op, dus ik moest ergens van leven. Nu heb ik de ene expositie na de andere en veel opdrachten. 

Kleurkunst

Naar aanleiding van een groot artikel in een maandblad vroegen mensen ineens om individuele workshops meditatieve kleurkunst. Ik deed dat al wel voor bedrijven maar niet voor particulieren. Het is verschrikkelijk leuk en ik doe dit nu alweer een half jaar. Omdat ik zelf zo veranderd ben in mijn werk en in mijn leven, wat me uitermate goed bevalt, spreek ik meer mensen die op het randje zitten van iets anders willen. Vaak denken ze dat het niet kan of dat ze er geen tijd voor hebben. Voor je in hun hoofd terecht komt bij wat ze nou eigenlijk echt willen, moet je zo veel dingen afbreken, zo veel gedachtes, een hele wereld van ‘ik kan niets’ weghalen. 

Toen ik met tekenles begon, vroeg ik aan de docent: hoe weet ik nou dat ik kan tekenen en schilderen, als ik dat sinds de lagere school niet meer heb gedaan? Ik heb nog wel een cursus theaterkostuums tekenen gevolgd toen ik studeerde. Dat werk vond ik laatst terug en dat was best leuk. Maar dat heb ik me toen niet zo gerealiseerd. Het ging niet om wat je tekende, maar om het kostuum. Waar ik na wat overpeinzingen ook achter kwam is dat ik in mijn studietijd hele kleine schilderijtjes maakte. Daar had ik er in een bui opeens een stuk of zes van gemaakt. Toen ben ik naar een esoterische boekhandel gegaan, en ik mocht ze daar in consignatie verkopen. Ik ben nooit meer terug gegaan naar die winkel en ben het daarna compleet vergeten. Ik heb er nooit meer aan gedacht, maar laatst vond ik twee van die schilderijtjes terug en ze lijken verdacht veel op de kleurschilderijen die ik nu ook maak.

Schilderijen met een boodschap

Ik maak Meditatieve kleurkunst. Mijn schilderijen hebben een boodschap, de kleuren en vormen in het schilderij hebben een betekenis. Daar hoef je niets mee als je dat niet wilt, je kan ook denken hartstikke mooi niks aan de hand, maar je kunt ook gebruik maken van de werking. Ik maak ook schilderijen in opdracht. Als ik zo’n schilderij voor iemand maak, laat ik me leiden door kleur. Soms wordt het heel wild en ga ik met messen werken, soms wordt het heel rustig. Soms komt er gewoon een nieuwe stijl naar boven, iets wat ik zelf nog niet kende. Dan schrik ik wel, want ik heb die mensen iets laten zien van dit is ongeveer wat ik maak, en dan hebben ze iets aangewezen wat er helemaal niet op lijkt. Dan neem ik het persoonlijke schilderij mee, maar stop ik voor de zekerheid een ander schilderij in de achterbak. Maar het persoonlijke schilderij klopt altijd.

Ik exposeer vrij veel en verkoop bij elke expositie ongeveer vier schilderijen. Ik doe ook echt heel erg mijn best bij die exposities. Ik pak dat aan zoals ik ook een televisieproductie aan zou pakken. Ik heb geleerd gedurende mijn leven dat je niet alles aan het lot kan overlaten, het is goed om de goede atmosfeer te creëren. Ik vind het zelf fijn als ik ergens ben dat er lekker te eten en te drinken is. Ik zorg dus dat de entourage heel aangenaam is er genoeg van alles is en de mensen zich prettig voelen. Toen ik in het World Trade Centre exposeerde, mocht ik geen officiële opening houden omdat er nergens gegeten of gedronken mocht worden in dat gebouw. Dus ben ik naar een alternatief gaan zoeken. Ik denk dat dat altijd mijn kracht is geweest, dat ik zoek naar wat er wel mogelijk is. En dus heb ik rondleidingen gegeven, met vooraf een glas champagne en nootjes op Schiphol, ook al zat ik op dat moment wat krap omdat al m’n verdiende geld weer in materialen was gestopt. Mensen vonden die rondleidingen geweldig, want ze kregen uitleg bij schilderijen. Heel vaak hoor je van kunstenaars dat mensen zelf maar de betekenis moeten vinden. Maar ik vind het juist leuk om te vertellen over mijn werk en doe het nu dus nog steeds.

‘Als mensen vragen wat ik voor m’n beroep doe dan zeg ik nu kunstenares.’

Batya-

Als mensen vragen wat ik voor m’n beroep doe dan zeg ik nu kunstenares. Dat was wel gek in het begin maar het is nu eenmaal zo. Sinds ik dat bijna-ongeluk heb gehad, snap ik ook dat ik andere mensen kan helpen. En zo kwam ik aan het woord meditatieve kleurkunst. Door mijn schilderijen kan ik mensen helpen met beslissingen nemen en bij hun eigen kracht te laten komen. 

Tuin als atelier

Mijn tuin is mijn atelier. Wanneer ik ’s ochtends wakker word, kijk ik of de zon schijnt, en als de zon schijnt, dan ga ik schilderen. Het idee achter het buitenwerken is uit nood geboren. Gelukkig schijnt de zon in Den Haag vrij veel. Als het vriest kleed ik me dik aan. Als het regent, doe ik mijn boekhouding of stuur ik uitnodigingen voor mijn exposities. Want ik doe alles zelf. Godzijdank is het het tijdperk van e-mails en internet. Ik vind het belangrijk om iedereen persoonlijk uit te nodigen. Zonder internet had ik dit ook kunnen doen, maar minder makkelijk. Een gedrukte uitnodiging ligt toch wat sneller bij het oud papier. Als iemand vraagt hoe mijn werk eruit ziet, zeg ik kijk maar op mijn website. 

Als ik aan mijn oude werk denk, krijg ik bijna fysiek bijverschijnselen. Ik krijg nog altijd aanbiedingen, maar ik sla ze altijd af. Elke keer wordt er weer een worst voor mijn neus gehangen: weet je het zeker? Dat is soms best moeilijk want schilderen is een onzeker bestaan. Een schilderij verkopen is veel moeilijker dan wanneer iemand zegt ik huur je nu in want ik heb een programma waar je aan moet meewerken. Heel soms lonkt het idee om terug te gaan naar the real world en veel geld te gaan verdienen. Toch heb ik continu een heel sterk gevoel dat dit echt is wat ik wil doen. Dit is waarvoor ik in de wieg ben gelegd.

Ik mis niets uit mijn oude leven

Ik mis niets uit mijn oude leven. Ik ben zo gelukkig nu. Als je werk blijft doen waarin je je onder laat sneeuwen of met je laat sollen, of denkt ik moet nu eenmaal geld verdienen, dan zul je nooit je geluk vinden. Als je in jezelf gelooft en je bent een beetje lief voor jezelf en je doet datgene waar je zelf voor kiest en niet omdat iemand anders het zegt, dan komen er vanzelf dingen op je pad. Ik heb dat aan den lijve ondervonden. Mensen voelen dat je je senang voelt, dat je op je plek bent, dat je iets met liefde maakt. 

Dat de onvrede over mijn werk en onvrede over mijn relatie samen gingen, was natuurlijk ook niet toevallig. Om een goede relatie te hebben of werk waar je van houdt, moet je ook van jezelf  houden en het beste uit jezelf halen.

Achteraf gezien ben ik ook blij dat ik in Den Haag ben komen wonen. Amsterdam was te dicht bij Hilversum geweest. Ik denk dat je ziel weet wat goed voor je is. Er is een innerlijk stukje in ieder mens dat weet wat bij je hoort, wat er uit moet komen. Je bent ook op de wereld om te leren, dus je moet dingen meemaken die jou pushen om daar te komen waar je uiteindelijk terecht moet komen.

Met tegenzin naar je werk

Mensen die elke dag met tegenzin naar hun werk gaan zou ik aanraden dat ze niet meteen hun werk moeten opzeggen, maar zichzelf een kans geven om verder in hun hoofd te kijken dan ze gewend zijn te doen. Je hebt een stuk in jezelf waarvan je weet dat je het weet, je hebt een stuk waarvan je weet dat je het niet weet – je weet dat je geen Chinees spreekt bijvoorbeeld – en je hebt een heel groot stuk waarvan je niet weet dat je het niet weet. En precies daar ligt een zee van mogelijkheden. Je kan alles worden!

Ik heb hier wel eens een vrouw gehad die vast zat in een kantoorbaan maar eigenlijk met dolfijnen wilde zwemmen. What the heck, dacht ze en heeft haar baan opgezegd. Du moment dat je je overgeeft ben je vrij. En dat hoeft niet rucksichtlos of onverantwoordelijk te gaan. Maar je hebt wel overgave nodig. En vertrouwen.

Ik doe het gewoon

Ik denk dat een sabbatical een goeie tip is om te kijken wat je wilt. Mensen die werk doen dat ze niet leuk vinden en het uitzitten tot hun vijfenzestigste, dat komt veel voor hoor. Of mensen die denken ik heb zo lang gestudeerd, dus ik moet nu wat met die studie doen, terwijl ze veel liever een broodjeszaak zouden willen beginnen. Er zijn mensen die daar twintig jaar tegenaan hikken tot ze op hun vijftigste zeggen: “ik doe het gewoon” – want dan zijn er geen ouders meer die lopen te zeuren. Als je zo’n verandering pas later in je leven maakt, zijn er altijd mensen die zeggen dat je gek bent, maar dat is niet zo, want als je hart ergens ligt, gaat alles als een tierelier. Elke leeftijd is een leeftijd waarop je een nieuw leven kunt beginnen.

Zelf heb ik geen vervelende opmerkingen gehad. Iedereen ziet dat ik gelukkig ben, ik zie er zelfs beter uit dan tien jaar geleden. In mijn televisietijd reed ik rond in zo’n reusachtige auto, een tas met papieren op de achterbank en altijd druk in de weer. Dat zag er misschien wel stoer uit, maar het was vreselijk. Ik rookte ook de hele dag door. Ik wierp echt een rookgordijn op om maar niet te voelen.

Door dat bijna-ongeluk liet ik mijn denken los en ging vanuit mijn gevoel schilderen. En precies dat is waar mensen nu op af komen. Ik leer mensen om alles in hun hoofd los te laten en gewoon te doen.

Heel veel mensen leven vanuit de overtuiging dat ze iets niet kunnen en beginnen er dus maar niet aan. Ze denken er zijn al miljoenen boeken geschreven, waarom zou ik er ook een schrijven? Of: er zijn al genoeg mensen die een geitenboerderij in Spanje zijn begonnen, op mij zitten ze niet te wachten. Maar het gaat er niet om wat anderen doen of wat anderen vinden, maar wat je zelf belangrijk vindt. Daar kom je alleen achter door je starre gedachtes daarover los te laten en je gevoel te laten spreken.

Loslaten kun je leren

In mijn workshops leer ik mensen dat ze het idee moeten loslaten dat ze iets wel of niet kunnen. Vooraf krijg ik soms mailtjes van mensen die vragen wat ik precies ga doen in die cursus. Dan zeg ik: dit gaat over loslaten, dus geef je over en zie maar wat er gebeurt. Alleen dat al is voor sommige mensen heel eng. 

Waarom mensen niet durven los te laten? Omdat ze kiezen voor veiligheid. Ook al is iets vervelend, het is vertrouwd en de meeste mensen hebben toch liever de ellende die ze al kennen dan het wonder dat misschien op ze wacht. Tijdens het schilderen zie ik elke keer weer dat iedereen het kan, loslaten. Na afloop krijg ik vaak enthousiaste mailtjes van mensen dat na mijn worksho in hun werk of hun prive-leven opeens ook van alles hebben durven loslaten en zelfs nieuwe uitdagingen zijn aangegaan. Natuurlijk is het heel eng. Door belangrijke dingen in je leven los te laten komt alles op losse schroeven te staan. Dat is even moeilijk, maar je leven wordt er absoluut leuker van.’ 

www.kleurkunst.nl

Uit: De huisarts die liever stukadoor was

ComputerComputer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s