Wanneer ben je sportverslaafd?

sport christopher campbellSportverslaafd is iemand die vrijwel elke dag sport en gemiddeld 7,5 uur per week sport. Dat is vier keer zo veel als een gematigde sporter doet. Een sportverslaafde voelt zich slecht als hij niet traint en negeert blessures om koste wat het kost te blijven trainen. De sport is een ritueel waar niet van mag worden afgeweken en waaraan de persoonlijke omgeving ondergeschikt is. Mannen verwaarlozen vooral hun familie en vrienden, vrouwen laten het sporten eerder ten koste gaan van hun werk.

Ze was een beetje mollig, mijn vriendin. Dus zette ze zichzelf op dieet. En omdat ze had gelezen dat je sneller afvalt als je sport, begon ze met hardlopen. Eerst kleine rondjes, daarna steeds grotere. Binnen een jaar stond ze elke ochtend om zes uur op om de dag te beginnen met tien kilometer hardlopen. Ze werd steeds magerder, maar dat vond ze prima: hoe dunner de hardloper, hoe beter zijn looptijd.

Op een ochtend werd haar buik dik. Zo dik dat het leek alsof ze zes maanden zwanger was. Een dag later werden haar pezige hardloopbenen ineens olifantenpoten. Haar lichaam was in protest gekomen omdat ze de prestaties van een professioneel atleet leverde zonder de daarbij horende dieetvoorschriften, rustdagen en trainingsschema’s aan te houden. Ze bleek een chronisch eiwittekort te hebben. Zo ernstig dat haar lichaam zichzelf volzoog als een spons met water.

In de weken daarna paste ze – met enige tegenzin – haar voedingspatroon aan. Maar niet haar trainingsschema. Haar hardlopen verving ze door elke dag fanatiek te gaan zwemmen. Pas toen begon haar vriend zijn zorgen te uiten. Zelf zag ze geen enkel probleem. En ook nu ze weer dagelijks een halve marathon rent, krijgt ze uit alle hoeken applaus. Een drukke baan en dan ook nog zo sporten, dat vinden veel mensen indrukwekkend.

Mijn vriendin lijdt aan sportverslaving. Of bigorexia, zoals het wordt genoemd in de DSM, het handboek waarin alle psychische stoornissen staan beschreven.

Ze is niet de enige. Bewegingswetenschapster Sabine Janssen deed onlangs aan de Radboud Universiteit in Nijmegen onderzoek naar bigorexia. Ze ondervroeg ruim 1700 sporters aan het Universitair Sportcentrum en ontdekte dat 1,5 procent sportverslaafd was. Dat klinkt niet als schrikbarend veel, ware het niet dat 35 procent van de sporters in haar onderzoek symptomen van sportverslaving vertoonde.

Het onderzoek van Janssen heeft ertoe geleid dat er in het Universitair Sportcentrum posters hangen met de tekst ‘Gezond sporten vereist gezond eten’. Ook krijgen de sportinstructeurs uitleg over hoe ze sportverslaving kunnen herkennen.

Dat is hard nodig, want sportverslaving wordt vaak niet gezien. Wie verslaafd is aan drank of drugs krijgt al snel waarschuwingssignalen uit de omgeving. Ook de verslaafde zelf snapt dat het geen gezonde gewoonte is. Maar sporten heeft zo’n aura van gezondheid dat het wel tien tot vijftien jaar kan duren voor een verslaving door de sporter zelf of diens omgeving als probleem wordt herkend.

Pas eind vorige eeuw is bigorexia opgenomen in de DSM. In dat handboek valt het in de categorie ‘stoornis van de lichaamsbeleving’, waar ook anorexia onder valt.

Zo’n zelfbeeldstoornis wil zeggen dat je jezelf negatiever waarneemt dan je in werkelijkheid bent. Door het verstoorde zelfbeeld gaan sportverslaafden aan hun lichaam werken. Maar omdat het beeld dat ze in de spiegel zien nooit klopt met het beeld dat ze in hun hoofd hebben, gaan ze steeds intensiever trainen. In de overtuiging dat ze zich beter zullen voelen als die spieren maar groter zijn of dat vet weg is.

Maar dat zal nooit gebeuren, want wat vaststaat is dat een sportverslaafde een verstoord zelfbeeld heeft. Een omgeving die zegt dat iemand wel gespierd of slank genoeg is, praat daarmee tegen een dove. Een groot obstakel om iemand te laten behandelen is dat de verslaafde zelf die psychische component niet erkent. Voor hem is er niets mis met zijn hoofd, maar met de verdeling van vet en spiermassa.

Sportverslaving komt met name voor bij bodybuilders en hardlopers. Waarbij mannen zichzelf als te iel en te weinig gespierd zien, en vrouwen zichzelf te dik blijven vinden.

Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat iemand die aan bigorexia lijdt, dagelijks drie tot acht uur met zijn uiterlijk bezig is. Dat kan variëren van obsessief in de spiegel kijken via YouTube-filmpjes van andere sporters bekijken tot een speciaal dieet volgen. En natuurlijk trainen.

Maar zoals niemand van de ene op de andere dag een alcoholicus is, is ook een sportverslaving iets wat geleidelijk ontstaat. Het begint allemaal met regelmatig hardlopen of vaak naar de sportschool gaan. En ergens gaat het extreme sportbeoefenen over in bigorexia.

Waardoor? Daar is nog weinig over bekend; hoewel sportverslaving als psychische stoornis is erkend, is er relatief weinig onderzoek naar gedaan. Een aangeboren drang tot perfectie, een problematische jeugd of een tekort aan serotonine zijn allemaal als oorzaak aangedragen. Evenals de maatschappij die te veel nadruk zou leggen op ideale lichaamsvormen.

Verslavingen zijn hardnekkig en zijn vrijwel niet op eigen kracht te doorbreken. Cognitieve gedragstherapie is het enige wat op dit moment kan helpen om het achterliggende probleem aan te pakken.

Maar om iemand zo ver te krijgen, is het belangrijk dat diegene erkent dat het om probleemgedrag gaat. En dat is het geval wanneer werk, vrienden, gezin of relatie onder het sporten gaan lijden. Wanneer iemand ondanks blessures doorgaat met trainen, gewoon omdat hij niet anders kan.

De Amerikaanse sportpsychologen Heather Hausenblas en Danielle Symons Downs hebben een test ontwikkeld om sportverslaving vast te stellen. Herkent u 3 of meer van onderstaande symptomen, dan is de kans reëel dat u aan bigorexia lijdt.

– Je moet steeds meer trainen om voor je gevoel hetzelfde wenselijke effect te bereiken.

– Je krijgt ontwenningsverschijnselen als je niet traint – zoals angst, onrust en vermoeidheid.

– Jje traint vaak langer of intensiever dan u in eerste instantie van plan was.

– Je zou eigenlijk wel minder willen trainen, of je doet een mislukte poging daartoe.

– Het sporten neemt dagelijks een belangrijk deel van je tijd in beslag.

– Jje hebt minder tijd voor andere activiteiten (sociale contacten, werk, hobby’s).

– Blessures, vermoeidheid of geestelijke druk beletten u niet om te sporten.

Door: Manon Sikkel

Image: Cristopher Campbell

Ook gepubliceerd in: Psychologie Magazine 2011

Advertenties

1 Comment

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s